Ontmoeting met een oliereus
Chemische technologie
Door: Sven de Jong
Scheikundestudenten bezoeken Shellraffinaderij in PernisTECHNO! nr. 6/2006

Een paar keer per jaar opent oliemaatschappij Shell de deuren van de raffinaderij in Pernis. Scheikundestudenten kunnen dan de katalytische processen op grote schaal bekijken die zich afspelen achter 11 km hekwerk. Ook werken ze aan casestudies. ' Chemici willen rekenen in liters en molen. In de procestechnologie doen we dat echter in kilotonnen, laat ze daar maar eens aan wennen.'
Veertig scheikundestudenten uit Leiden en Utrecht brachten op vrijdag 20 november een bezoek aan het hoofdkwartier van de Nederlandse brandstofproductie van Shell in Pernis. Volgens organisator Ronny de Ridder is zo'n open dag zeer belangrijk voor de oliemaatschappij. De Ridder werkt sinds twee jaar als procestechnoloog bij Shell en is ook campusambassadeur voor de TU Eindhoven. Hij gaat vaak terug naar zijn oude universiteit om studenten te vertellen wat zijn baan inhoudt. Door zijn ervaringen te delen wil hij de ingenieurs in opleiding helpen bij hun beroepskeuze. De open dagen spelen hierbij een belangrijke rol. 'Shell is een groot bedrijf, en grote ondernemingen schrikken studenten af', geeft De Ridder aan. 'Het is moeilijk te bevatten wat zich binnen de hekken van de raffinaderij afspeelt. Iedereen weet dat er ruwe aardolie ingaat die er als brandstof weer uitkomt. Wat daar tussenin gebeurt, is echter een black box. Daar moeten we verandering in brengen. Het is van belang dat studenten begrijpen wat Shell doet, zodat een deel van hen besluit om hier in de toekomst stage te lopen of te werken. Hopelijk vertrekken de studenten aan het eind van de dag dan ook met het besef dat alles in Pernis een functie heeft, van de katalytische krakers en de duizenden kilometers pijpleiding tot de externe onderhoudsbedrijven die op ons terrein zijn gevestigd, en de projectteams die in vergaderkamers chemische problemen oplossen.'
MENGSEL
De studenten die nieuwsgierig zijn naar de technieken van Shell om brandstof te maken, worden tijdens de inleidende presentatie niet teleurgesteld. Andreas Nowak, die zich bezighoudt met raffinagetechnologie, onthult de tientallen processen die in Pernis plaatsvinden en de fabrieken die ze uitvoeren. 'Omdat ruwe aardolie een mengsel is van honderden verschillende stoffen, moeten deze eerst worden gescheiden voordat ze apart te verwerken zijn', legt Nowak uit. 'Duizenden tonnen aardolie gaan elke dag door destillatiefabrieken die ze omzetten in producten als benzine, kerosine, diwaterstofsulfide en gasolie. De residuen van deze processen worden niet weggegooid, maar gaan naar conversiefabrieken. Daar worden er nog meer bruikbare producten van gemaakt om de ruwe aardolie zo volledig mogelijk te benutten. Er gaat niets verloren bij raffinage. Zo maken we zwavelzuur van het zwavel dat uit de olie komt, gebruiken we binnenkort opgewarmd koelwater om huizen in de directe omgeving te verwarmen, en leveren we een deel van de geproduceerde koolstofdioxide aan de kassen in de buurt. Die benutten de CO2 om de fotosynthese van de planten vlotter te laten verlopen. Verder ontlasten wij het milieu door onze zwavelemissies constant te verlagen en vanaf 2007 meer biobrandstoffen door de benzine en diesel te mengen.'
Lees verder in TECHNO! nummer 6 december 2006/januari 2007 (pag. 44)